Nlt-lokaal wordt robotfabriek

03 juli 2019

Door: Guido Hogenbirk. Wat heb je op school nodig om een beetje fatsoenlijk nlt te kunnen geven?

Genoeg ruimte om met voldoende apparatuur aan de slag te kunnen en een schoolleiding met een beetje lef. Maar het vak valt of staat met de docenten die het willen geven. Het zijn innovatieve geesten die hun leerlingen volledig vrij durven te laten. Op het Corderius College in Amersfoort loopt er zo één: Olivier van Beekum wist dankzij nlt met zijn leerlingen een succesvolle onderneming in robotjes op te bouwen.

Op de grond zoekt een karretje tevreden mechanisch pruttelend zelfstandig zijn weg door de ruimte. Dankzij twee grote voelsprieten aan de voorkant lijkt het een trilobiet. ‘Het is een simulatie van een pissebed,’ zegt Van Beekum, moleculair bioloog van origine, die na een uitstap in het bedrijfsleven zijn roeping in het onderwijs vond. Het karretje heeft wat sensoren: twee voelsprieten die de ruimte aftasten en een ultrasone afstandsmeter die ‘kijkt’ of er obstakels zijn. Daarnaast bevat hij een lichtsensor die meet of het donker of licht is. Die informatie gaat naar een Arduino UNO en met behulp van geprogrammeerde 'als-dan'-regels zoekt het beestje een weg. Van Beekum: ‘Hij zoekt het donkerste plekje van de ruimte, zonder dat hij ergens klem komt te zitten.’ De pissebed blijft uiteindelijk in een hoek van het lokaal wat rond darren. ‘Ja, we moeten hem eigenlijk nog leren dat hij op een gegeven moment ook tevreden moet zijn.’

Robot maakt handtekening na

Het is voor een bezoeker aan het nlt-lokaal op de twee de verdieping van de Amersfoortse school geen verrassing: hier wordt druk met robotjes geklooid. Overal staan bakken vol draadjes, sensoren, broodplanken, wieltjes en Arduino’s. Daartussen staan verschillende experimentele mechanieken opgesteld. Zo wordt er druk getest met verschillende manieren om Arduino met Lego te combineren en toont een leerling trots een filmpje van een door hem bedachte eerste versie van een handtekeningnamaakmachine. Een grote tafel ligt vol met batterijbehuizingen die door twee meiden met een soldeerbout van de juiste snoertjes worden voorzien. ‘Hoeveel moeten jullie er?’ vraagt Van Beekum. ‘In totaal tweehonderd,’ zucht een van de meisjes. ‘Ze krijgen per stuk betaald,’ lacht Van Beekum.

Leerlingen verdienen geld

De soldeerdames zijn niet de enige leerlingen die dankzij een tijdens nlt ontstaan experiment wat centjes kunnen bijverdienen. Van Beekum: ‘Er waren wel robotjes voor het onderwijs, maar die zijn erg duur. Gevolg: je zit met vijftien leerlingen naar één robotje te kijken. Daarom gaf ik mijn nlt-leerlingen de opdracht een betaalbare robot te ontwerpen en bouwen die geschikt is voor het onderwijs. Extra uitdaging: gebruikers moeten hem zelf in elkaar kunnen zetten, dat scheelt in de productiekosten en dus in de prijs.’ Het belangrijkste wapen daarbij: een lasersnijmachine waarin met uiterste precisie stukken hout te figuurzagen zijn. Er werd druk geploeterd, maar het gouden ontwerp zat er nog niet tussen. Tot twee leerlingen het idee dat een karretje per se rechthoekig is, overboord gooiden. Een basis in de vorm van een blaadje bleek stevig, maar vooral ook goed geschikt om verschillende soorten robots mee te maken. Leaphy werd de naam, er werd een gemakkelijk te begrijpen programmeerprogramma ontwikkeld en inmiddels rijden er duizenden van rond in klaslokalen in eel Nederland. Elke verkochte Leaphy levert de ontwerpsters (inmiddels studenten) nog altijd royalty’s op. Daarnaast mochten ze de koning een demonstratie geven tijdens zijn bezoek aan de stad op Koningsdag.

Sociale werkplaats op school

Loopt Van Beekum ook binnen? Nee, Leaphy is ondergebracht in een stichting die geen winst maakt. Alle inkomsten komen de school weer binnen en worden gebruikt voor het aanschaffen van nieuwe apparatuur. ‘Voor mij is het het belangrijkste dat we met dit project bruggen weten te slaan,’ aldus Van Beekum. ‘Onze nieuwste lasersnijmachine werd gesponsord door Mercedes Benz, en softwarebedrijf Afas helpt ons met het ontwikkelen van de software. Zo hebben we een link met het bedrijfsleven. Maar leuker nog is dat leerlingen zelf lesgeven, bijvoorbeeld aan kinderen op basisscholen. Maar we hebben laatst ook een workshop gegeven aan de afdeling ICT bij de NS. Dat is wel gaaf hoor.’ Van Beekum begint helemaal te stralen als hij vertelt over zijn nieuwste plannetje. ‘Een deel van het samenstellen van de bouwpakketten wordt gedaan door mensen van de sociale werkplaats De Wissel in Amersfoort. Ik wil onderzoeken of we leerlingen samen met clienten van De Wissel kunnen laten werken in het nlt-lokaal. Ik geloof heilig dat leerligen heel veel kunnen leren van samenwerken met deze mensen.’

Meer mens dankzij nlt

Het is pauze, een paar jongens zijn het lokaal binnen gekomen. Zij besteden hun vrije tijd het liefst in het nlt-lokaal. ‘Dit is een soort van tweede huis,’ zeg een van hen. Hij is bezig met een knalrode desktopcomputer waarvan één zijde van glas is. Erbinnen draait een lichtgevend ding snel rondjes. ‘Dit is een supersnelle computer, want ik ga dingen ontwikkelen in virtual reality’. Het is tekenend voor de houding van Van Beekum en met hem de schoolleiding ten aanzien van initiatieven van leerlingen in het nlt-lab. ‘Als je als leerling een goed plan hebt, dan is de school tot veel bereid,’ zegt Van Beekum. Wat is nu eigenlijk de kern van nlt? ‘Eigenlijk zijn mensen nergens echt heel goed in. We kunnen een beetje rennen, een beetje ruiken en een beetje zien. Maar we hebben twee echt onderscheidende talenten: we kunnen samenwerken en vooruitdenken. En laat dat nu precies twee eigenschappen zijn die in het onderwijs eigenlijk nauwelijks aangesproken worden. Bij nlt wel, daar doen we niet anders dan het benutten van deze eigenschappen. Eigenlijk zijn we hier dus een beetje meer mens dan in de rest van de school.’