Forumdiscussie conferentie 2010
Verder met NLT: de forumdiscussie op de Landelijke Conferentie van 4-2-2010

Deelnemers van de conferentie konden ’s ochtend op een formulier vragen indienen voor het forum. De meest gestelde vragen legde forumleider Dirk Jan Boerwinkel voor aan het forum. Het waren vooral vragen over kwaliteitsbewaking. Aan het forum namen deel: Berenice Michels (voorzitter Stuurgroep vakvernieuwing bèta5), Jenneke Krüger (secretaris Stuurgroep NLT), Fabienne Hendricks (programmaleider Universum Programma) en Ingrid Breymann van Regionaal Steunpunt NLT Oost.
Hoe wordt de kwaliteit van het lesmateriaal gewaarborgd?

Jenneke Krüger: “Momenteel is er een systeem van certificering, gevolgd door een actualisering van modules. De kwaliteitsbewaking van het lesmateriaal heeft de volle aandacht van de huidige Stuurgroep. Het komt zeker op de agenda van de volgende Stuurgroep, die aantreedt in 2011 en zal aanblijven tot 2015. We denken dat de nieuwe Stuurgroep zich er in ieder geval in het begin mee bezig moet houden. Maar op den duur moet het een zaak worden van andere organen. Er zijn momenteel initiatieven waarop aangesloten kan worden. Zo is de VO-raad bezig met het opzetten van een kennisbank, Innovatie Platform Voortgezet Onderwijs (IP-VO), die een database krijgt met lesmaterialen waarvoor een kwaliteitswaarborg moet komen. We zijn in gesprek om daarop aan te sluiten. Ook SLO is daarbij betrokken. Verder hebben de regionale steunpunten een belangrijke functie bij de kwaliteit van het lesmateriaal. We denken dat we de komende jaren moeten komen tot een landelijk systeem van kwaliteitswaarborging met IP-VO, samen met de regionale steunpunten. Ik sluit niet uit dat er ook uitgevers bij betrokken zullen worden, mits ze in staat en bereid zijn om flexibel met hun onderwijsmateriaal om te gaan.”
Jenneke_Kruger_en_Berenice_Michels_forum_04-02-2010.jpg

Reactie uit de zaal: “Het zou misschien goed zijn als de modules die nu zijn ondergebracht bij een regionaal steunpunt, worden getest bij een ander regionaal steunpunt.”

Ingrid Breymann: “Modules die nu ontwikkeld zijn, worden onderhouden door een regionaal steunpunt en zijn al gecertificeerd. Een steunpunt heeft als taak ervoor te zorgen dat een module actueel blijft en ondersteuning te bieden. Ik denk dat de certificering belangrijk is bij de ontwikkeling van nieuw materiaal. Ik heb wel behoefte aan een gremium dat een kwaliteitscontrole uitvoert vóór certificering en aangeeft dat een module voldoet aan kwaliteitseisen opdat deze gecertificeerd kan worden. Het lijkt mij wenselijk om iets open te houden zodat er nieuwe modules ontwikkeld kunnen blijven worden vanuit een regionaal steunpunt of het hoger onderwijs. En dat er daarbij een certificeringsmogelijkheid blijft bestaan.”

Ingrid_Breymann_forum_04-02-2010.jpg
Berenice Michels
: “Formeel zal de huidige Stuurgroep in de herfst de laatste modules certificeren. Het is op dit moment nog niet duidelijk hoe het daarna verder zal gaan. Wat wel duidelijk is dat de certificering van modules een van de succesfactoren van NLT is. En dus ook een van de belangrijkste zaken is om juist direct in 2011 duidelijkheid over te geven. Ik verwacht dat er een soort overgangsperiode zal komen tussen het systeem dat we nu hebben en een systeem dat eindigt in een verankeringssysteem dat niet meer afhankelijk is van certificering en kwaliteitsbewaking door de Stuurgroep NLT, maar is ondergebracht bij een bestaande instelling. Volgend jaar gaan we na wat voor instelling dat zal zijn, bijvoorbeeld een instelling vanuit hoger onderwijs al dan niet met betrokkenheid van SLO, dan wel of het op een andere manier vormgegeven zal worden. Certificering is wel iets wat op de een of andere manier door moet gaan.”

Reactie uit zaal: “Wij zijn op school met NLT begonnen als kopvak, dat cognitief gezien moeilijker is dan de monovakken. Mijn indruk is dat die norm niet altijd gehaald wordt bij verschillende modules. Is het nog wel de norm dat NLT een kopvak is of moet blijven, gezien de kwaliteitsbewaking?”
forum_04-02-2010.jpg

Jenneke Krüger: “Die vraag komt volgens mij neer op de vraag of NLT verbredend of verdiepend moet zijn of beide mogelijkheden moet bieden, en deze horen we momenteel erg vaak. Naarmate docenten langer met NLT vertrouwd zijn, komt de vraag meer op. Als Stuurgroep zijn we ook bezig met deze vraag, als voorbereiding op het schrijven van het eindadvies over NLT aan de minister eind 2010. Eerlijk gezegd is de Stuurgroep er nog niet uit. Het vak biedt je als school de mogelijkheid het verdiepend te maken. Bijvoorbeeld als je er op vwo wat later in het vierde leerjaar mee begint en de modules kiest die meer verdiepend zijn. Er zijn ook scholen die NLT juist willen gebruiken als vak om leerlingen de kans te geven om in de breedte kennis te maken met allerlei mogelijkheden die bètarichtingen bieden qua vervolgopleiding en beroep. Wil je dat als school, dan wordt het moeilijker om NLT verdiepend te maken. Op het ogenblik is het in de eerste plaats een keuze van de scholen. Het examenprogramma geeft alle ruimte om die keuze te maken en er zijn inmiddels ook voldoende modules om de keuze te maken. Ik denk dat het belangrijk is dat scholen een keuze maken, hetgeen nog lang niet altijd gebeurt: of leerlingen meer differentiatie bieden dus voor elk wat wils, of een heel breed vak maken of een verdiepend vak maken. Elke keuze heeft gevolgen: als het vak heel breed wordt aangeboden heb je kans dat NLT ‘wegglijdt’, als je het verdiepend aanbiedt, houd je op een aantal scholen veel minder leerlingen over. Het Landelijk Ontwikkelpunt NLT onderzoekt via een monitor, schoolbezoeken en surveys, wat de redenen van scholen zijn om voor het een of het ander te kiezen, of om het allebei te doen. Mede afhankelijk van de antwoorden daarop zal de Stuurgroep de minister adviseren om NLT eventueel meer in een bepaalde richting verder te laten ontwikkelen. Dus het antwoord op uw vraag is nog open.”

Fabienne Hendricks: “Het Platform Bèta Techniek voert gesprekken met het Ministerie van Onderwijs over de vernieuwing van de vier bètavakken. Ook NLT heeft daarbij een belangrijke positie. Vanuit het Platform vinden we het belangrijk dat de vernieuwde bètavakken en NLT matchen. Tegelijkertijd hechten wij eraan dat onze scholen zelf bepalen hoe ze NLT vormgeven. Het Universum Programma vindt het belangrijk om aan te sluiten bij wat scholen zelf willen.”

Wordt NLT verplicht binnen het curriculum of een toelatingseis bij bepaalde vervolgopleidingen?

Berenice Michels: “De vraag of NLT verplicht zal zijn bij een van de twee natuurprofielen, is een vraag die expliciet is neergelegd bij de Stuurgroep. Zij zal daarover een advies formuleren. Een dergelijke vraag is juist een vraag waarover we graag input krijgen vanuit het veld. We willen graag horen hoe u daar over denkt. In ieder geval zal een werkgroep dit jaar een docentbevraging houden, waarbij dit soort vragen wordt voorgelegd.”

Jenneke Krüger: “Misschien is het goed om ook te wijzen op de consequenties van het een en ander. Als NLT een verplicht vak wordt voor een van beide profielen dan moet het ook op alle scholen gegeven worden. Dus ook op scholen die er nu nadrukkelijk niet voor gekozen hebben. En zoals u weet is NLT een mooi en complex vak. Heel erg boeiend, heel erg stimulerend. Maar het vraagt veel van een school, veel van docenten, veel van de samenwerking tussen docenten. Het is mijn persoonlijke mening dat je NLT er niet zomaar door mag duwen op een school. Alleen al op grond daarvan ben ik geneigd te zeggen: houd het nog maar vrijwillig als keuzevak. Tenzij er vanuit het hele land een brede steun komt voor het verplicht maken van NLT. Maar daar zitten dus veel consequenties aan vast. En daarbij doel ik niet op de organisatie, maar wel op het aantal scholen dat je mee moet trekken die er misschien helemaal niet capabel voor zijn.”

Ingrid Breymann: “Als je het hebt over verplicht stellen, moet je ook kijken naar de instroomeisen naar het vervolgonderwijs. Op sommige vervolgopleidingen* kunnen leerlingen instromen met NLT in de plaats van natuurkunde. Er zouden dus afspraken nodig zijn met vervolgopleidingen en er moet goed bekeken worden welke meerwaarde NLT heeft voor leerlingen met het oog op het perspectief richting de vervolgopleidingen.”

Fabienne Hendricks: “Ik vind het ook een uitdaging om dat wat meer te versterken. Het Platform Bèta Techniek vindt de keten altijd heel erg belangrijk. We willen meer leerlingen interesseren voor techniek, voor de N-profielen en de bètatechniek vervolgopleidingen. NLT kan daarin volgens mij een grote rol spelen, maar dan moet je duidelijk weten neer te zetten dat het hoger onderwijs het erkent als een meerwaarde voor leerlingen. Want anders zouden de doorstroommogelijkheden eventueel moeilijker kunnen worden. En dat zou voor de doelstellingen van het Platform Bèta Techniek lastig kunnen worden. In die zin zou het een uitdaging moeten zijn voor de toekomst.”

Fabienne_Hendricks_forum_04-02-2010.jpg
Reactie uit zaal:
“Wat is jullie mening over een lerarenopleiding voor NLT?”

Jenneke Krüger: “Dat is de Stuurgroep vanuit verschillende kanten gevraagd. Het staat hoog op de agenda om hierover te adviseren. Ik denk dat het ministerie op zich niet zoveel voelt voor een aparte lerarenopleiding NLT. Die kant moet je misschien ook niet op gaan want daarvoor moet je heel veel optuigen. De kwestie van lerarenopleidingen en bekwaamheden voor NLT heeft verschillende kanten. In de eerste plaats hebben we geconstateerd dat de lerarenopleidingen zoals ze nu bestaan niet of nauwelijks aandacht aan NLT besteden. Aan de andere kant is het natuurlijk zo dat je met een eerstegraads bevoegdheid in één van de vijf vakken die meedoen aan NLT bevoegd bent om NLT te geven. Tegelijkertijd zijn er mensen die een opleiding hebben gevolgd waarbij de verschillende aspecten aan bod komen die NLT kenmerken, maar die geen NLT mogen geven omdat ze geen bevoegdheid hebben om natuurkunde, scheikunde, wiskunde, biologie of geografie te geven. Terwijl ze het eigenlijk wel zouden kunnen. Deze constateringen maken dat we in ieder geval sterk overwegen te adviseren NLT in te passen in bestaande lerarenopleidingen, die bijvoorbeeld kunnen werken met bepaalde modules voor NLT. Opdat je, als je die hebt gehaald én je onderwijsbevoegdheid hebt, geschikt bent om NLT te geven. Er zijn misschien nog wel meer variaties te bedenken.  Het lijkt dus voor de hand te liggen dat er iets meer moet komen dan er nu is en dat de lerarenopleidingen apart aandacht moeten besteden aan NLT. Waarbij ze meegegeven wordt waaraan ze aandacht moeten besteden.”

Het examenprogramma NLT is nu heel erg open in die zin dat het door elke school vrij kan worden ingevuld. Dat kan een groot goed zijn, maar er kleven ook risico’s aan. Het is een ‘democratisch’ vak dat door docenten wordt vormgegeven. Hoe zou NLT er uit moeten zien in het examenprogramma?

Reactie uit zaal: “Mijn ervaring is dat voorkennis erg lastig is. In 2013 komen er nieuwe examenprogramma’s voor natuurkunde, scheikunde en biologie. Ik zie in de nieuwe concept-programma’s van deze vakken veel elementen die ook terugkomen in NLT. Is het zo dat het programma NiNa (nieuwe natuurkunde) leidend is en NLT volgend is op Nina? De NLT-module Sportprestaties komt bijvoorbeeld helemaal terug in NiNa. En is het zo dat er in 2013 veel modules van NLT herschreven moeten worden omdat de benodigde voorkennis ook heel anders is, zoals omschreven in de subdomeinen. Forum, hoe zien jullie dat?

Berenice Michels: “Een van de punten waarmee we ons in de verankeringsperiode van NLT bezig houden, is het leerlijnen- en voorkennisverhaal. Er worden digitale voorkennismodules voor NLT ontwikkeld. Over de aansluiting van NLT op de vernieuwde monovakken en welk vak leidend dan wel volgend is, wil ik het volgende kwijt. Ik vind het een lastige terminologie, waarvoor ik zelf niet zou kiezen. Het is zo dat er straks nieuwe examenprogramma’s liggen. Er is nauw overleg tussen de verschillende vernieuwingscommissies en Stuurgroep NLT om aan zoveel mogelijk samenhang tussen die examenprogramma’s te werken. En ik zie juist meer dat dit mogelijkheden biedt voor NLT. Op de scholen die NLT aanbieden, krijgen de leerlingen die NLT hebben gekozen te maken met het feit dat sommige onderwerpen in de examenprogramma’s van bijvoorbeeld natuurkunde of scheikunde vrij goed aansluiten bij de onderwerpen die op dit moment bij NLT in het examenprogramma zitten. Dat zijn doorgaans de onderwerpen waarvoor de vernieuwingscommissies van natuurkunde, scheikunde en biologie gekozen hebben om aan leerlingen te laten zien dat hun vakgebied verder gaat dan de traditionele grenzen van het vakgebied. Dat is precies wat wij met NLT willen. Het betekent dat er kansen liggen om de NLT-leerlingen onderwijs aan te bieden waarbij de vakken naadloos op elkaar aansluiten. En of er dan NLT-modules zijn die niet meer zouden kunnen? Momenteel zijn er pilots met de nieuwe examenprogramma’s van de monovakken. Mocht blijken dat er een NLT-module is die echt volledig binnen de nieuwe examenprogramma’s past, zoals nu lijkt met Medische Beeldvorming in het Nina-programma, dan denk ik dat zo'n module heroverwogen zou moeten worden voor NLT. Maar zo’n heroverweging zou eigenlijk alleen spelen bij NLT-modules die heel erg in één richting (monovak) zitten. Ik zou nu niet kunnen zeggen of dat geldt voor Sportprestaties. Dat wil ik in 2013 eerst bekeken hebben.”

Reactie uit zaal: “Ook ik maak me zorgen over de nieuwe vakken en NLT. Er wordt wel gezegd dat het naadloos aansluit, maar ik denk dat het flink wat overlap kan geven. Ook in de manier van werken. Ik vraag me af of de Tweede Fase leerling erbij gebaat is om straks bij drie of vier vakken modulair contextrijk onderwijs te ontvangen. Wordt hier ook een poll naar gedaan bij de docenten? Bij de monovakken natuurkunde, scheikunde en biologie zou ik graag met een leerboek een stuk theorie geven en die leerlijn in de gaten houden. En NLT, wat ik een geweldig vak vind, is echt het vak dat de jus is van de Tweede Fase bètaleerling. Want daarmee leert de leerling hoe het bij het wetenschappelijk onderwijs en hoger beroepsonderwijs gaat.”

Veel instemmend applaus uit de zaal.

Berenice Michels: “Ik vat dit meer op als een opmerking dan als een vraag. Er zijn hier diverse leden van de verschillende vernieuwingscommissies, die uw opmerking mee kunnen nemen. Ik denk niet dat het aan dit forum is om hier verder op in te gaan. Ik wil het laten bij uw constatering: NLT is een fantastisch vak!”

 

* Opmerking achteraf van LOP: Dit geldt momenteel vooral voor hbo-opleidingen. Voor wo-opleidingen heeft het betrekking op Moleculaire Levenswetenschappen: NLT (met wiskunde B) is hier een alternatief voor natuurkunde.